Een stukje historie
Eind jaren ‘80 kruiste men voor het eerst een poedel en een labrador retriever. Het doel: een hypoallergene assistentiehond fokken met de vachtstructuur van een poedel en de ‘will to please’ van een labrador retriever. Het resultaat: de labradoodle, een ontzettend lieve, sensitieve en intelligente hond die niet verhaart en daardoor ook geschikt is voor mensen met een allergie voor honden.
Beschrijving
De Australian Labradoodle is een compacte hond met een vrolijke staart in de vorm van een sabel. Deze honden zijn vrolijk, energiek en hebben een stabiel en zachtaardig karakter. Ze zijn zeer intuïtief, sociaal, bovengemiddeld intelligent, leren snel en hebben gevoel voor humor. Buiten zijn ze lekker actief en ze houden van rennen en spelen, binnen in huis zijn ze rustig.
Hun unieke eigenschap is het vermogen om emoties van anderen aan te voelen; een kwaliteit waardoor ze erg goed zijn met kinderen maar bijvoorbeeld ook geschikt als therapiehond. Ze maken zelf oogcontact en zijn graag dicht in je buurt.
Maten
Miniatuur: 35-42 cm, 7– 13 kg.
Medium: 43-52 cm, 13– 20 kg.
Standaard: 53-63 cm, 23 – 30 kg.
Een doodle kan 3 vachtsoorten hebben: curly (lijkt het meest op een poedel), fleece (zachte vacht, langere haren en slag) of curly fleece (zachte vacht, langere haren en een sterkere krul). De vacht van een Australian labradoodle is heel bijzonder: hij verspreidt geen hondenlucht en verhaart niet. Door dat laatste is het belangrijk dat de vacht goed verzorgd wordt door deze regelmatig te borstelen en eventueel te laten trimmen. De vacht kan crèmekleurig, gebroken wit, zilver, goud, abrikoos, caramel, rood, bruin, zwart of parti (half wit met een kleur) zijn.


